Al vanaf m’n geboorte ben ik opgegroeid in een waterrijke omgeving, het is dus ook niet vreemd dat water een enorme aantrekkingskracht op mij heeft. Als vanzelf liep ik, hoe klein ik ook was, richting de prutsloten van m’n poldertje. Vele malen ben ik bij het spreekwoordelijke kraagje gevat om niet in het water te geraken. En net zoveel keer kwam de waarschuwing te laat en kon ik met een nat pak druipend naar huis wandelen. Toen begon het ‘water lezen’ al een beetje. Ook wel ‘watersense’ genoemd.

Tekst en foto’s: Richard Gans

Zo tussen de grashappers vandaan geplukt!



Watersense is wat mij betreft een van de belangrijkere onderdelen van het karpervissen. Weten, zien en voelen waar de vis zich op dat moment bevindt. Een kleine golfslag of rimpeling op het water die onderbroken word door een rug, staart of wat dan ook. Dat zijn details die door veel boilievissers niet meer worden gezien. Vaak is het snel de zooi neerzetten en neerploffen op de stretcher… Zie je dit wel, dan sta je al met 1-0 voor op je collegavissers.

Met goed observeren en een beetje ‘watersense’ heb je al de helft gewonnen!



Penvoordeel
Ik kan me nog wel een voorval herinneren dat ik samen met twee maten aan het vissen was op een totaal onbekend water. Vijf hengels op afstand en uiteraard had ik mijn penhengel mee. Het water betrof een ondiepe vaart met een gemiddelde diepte van net geen meter, her en der onderbroken door een duiker, zijsloot of een afgeslagen rieteiland. Plaatsen waar een karper zich veilig voelt en waar voedsel te vinden is. Toch konden we op deze hotspots geen aanbeet forceren.

Altijd speur ik het water af op zoek naar een teken van karper…



Als het langer dan een paar uur duurt voordat ik wat actie heb dan word ik onrustig. Zo ook deze keer. Ik speurde het water af naar enige activiteit. Een behoorlijke golfslag maakte het er niet makkelijker op. Toch kon ik na enige tijd een onregelmatigheid waarnemen op zo’n 15 meter uit de kant. Eigenlijk te ver om met een pen te bevissen, maar ik was er bijna zeker van dat dit werd veroorzaakt door een azende karper. Een zware pen die aardig wat lood kon hebben werd zinkend, en op de gok, op diepte bevestigd en richting de plek geworpen. De nylonlijn zonk snel af en de bocht draaide ik eruit met de hengeltop naar beneden gericht. De pen bleef plat liggen maar door de lijn wat strakker te draaien kon ik deze naar behoren ‘afstellen’ zodat alleen het rode puntje zichtbaar zou zijn. Niet ideaal maar voor deze situatie meer dan voldoende. Het onderste en tevens zwaarste loodje had ik op nog geen 7 cm boven de haak gemonteerd, mocht de vis het aas oppakken zou dit resulteren in een opsteker. Die opsteker liet gelukkig niet lang op zich wachten en nog voordat de pen helemaal plat viel gaf ik een behoorlijke swiep met de hengel om de bocht en de rek uit het nylon te trekken. Direct was het actie reactie, een ferme kolk plaveide de golfslag en als een op hol geslagen trein schoot de vis weg, dikke modderwolken achterlatend op de plek waar het allemaal begon. Kleine deeltjes van afgestorven bladeren en takjes werden door de krachtige staart omhoog geslagen. Nog voordat de slip kon gieren stond de hengel al in zijn volledige curve. Juist op het moment dat de curve niet verder kon nam de perfect afgestelde slip het over. Hoe bedoel je fijn setje.

Met de pen ging het veel beter!



Daar waar de afstandstokken stilzwijgend van schaamte roerloos op de steunen bleven liggen, ving ik op deze manier nog twee vissen. Een week later ving ik 5 karpers op deze manier tegen 2 met de afstandhengels!

Grashapper afspraak
Terugkomend op het waterlezen. Het is wat mij betreft onmisbaar in het stalken op karperen al helemaal bij het struinend vissen op graskarper! Voor velen een plaag, die niet gezien wordt als een echte karper, maar voor mij een prachtige sportvis die ik helaas nog maar te weinig heb gevangen en ik zou daar maar al te graag verandering in zien. Regelmatig heb ik contact met Arnout Terlouw en vaak hadden we het er over dat we eens samen een graskarpersessie moesten maken. Nu weet ik dat Arnout een meester is in het vangen van graskarper dus 1 en 1 is 2. De afspraak is ‘snel’ gemaakt en ik mag over de schouder meekijken van de meester. Graskarper vangen is nu eenmaal niet zitten en dom kijken. Nee, actief zijn, veel lopen en vooral veel, heel veel turen over en in het water. Alert zijn op kleine onregelmatigheden in het water. Hier komt het echte waterlezen tot zijn recht. Een kleine, langzame lome welling uit de kant wordt vaak veroorzaakt door karper.

Graskarper, karper, of toch een watervogel?



De wat driftige golfjes komen meestal van watervogels. Maar soms zit ik ook wel eens verkeerd en sluip dan op handen en voeten naar zo’n plekje om mij vervolgens helemaal de rambam te schrikken van een wegvluchtend waterkipje of koet. Maar goed, ik heb een afspraak met een lange grasser. En met 25 jaar of meer graskarperervaring als vismaat moet het gaan lukken! Speciaal voor deze gelegenheid heb ik mijn eerste zelfbouwhengel mee genomen. Een oude parabolische Sportex voorzien van 28/100 nylon en een Shimano molen die ik ooit eens in een Franse Decathlon per drie gekocht had. Dit setje lijkt mij uitstekend geschikt om de uitrusting compleet te maken voor de krachtmeting met een grashapper. ‘Neem voldoende ongesneden witbrood mee’ mailde Arnout mij. Dus twee ongesneden knipwit zitten strak opgeborgen in de eigenlijk te kleine vistas. Want als je veel moet lopen is een lichte uitrusting meer dan voldoende. En veel lopen hebben we gedaan, man man wat een wandelingen hebben we gemaakt. Nog een tipje. In de ochtend is het gras nog vrij vochtig dus goede waterdichte schoenen zijn ook aan te bevelen anders loop je de rest van de dag met weke voeten in je schoenen te soppen.

Yes!
Om 04:15 uur loopt mijn wekker af om precies om 05:00 uur op de afgesproken plaats te zijn. Ik ben nog geen minuut op de carpool plaats of Arnout draait ook de oprit op. Timing is alles. We besluiten om met één auto verder te gaan en na een klein half uurtje staan we zij aan zij bij de eerste stek. Hier bevindt zich een dichte rietkraag met her en der wat open stukken. Het water golft een beetje… graskarpers?

Een groepje graskarpers en karpers bij elkaar.



We besluiten om hier de eerste poging te wagen. De lijn wordt enkel voorzien van een haak die op zijn beurt weer wordt voorzien van een dikke broodkorst. Eerst schieten we beide wat korsten in de sloot en het duurt niet lang voordat ze aandacht van een paar vissen trekken. Erg actief zijn ze nog niet hetgeen te bemerken is aan het voorzichtige azen, dus Arnout besluit te vissen met een verankerde korst. Ik ga verderop op onderzoek uit en laat mijn ogen het werk doen. Verdekt opgesteld bemerk ik dat er vlak voor m’n voeten er een paar lelies zachtjes bewegen. Dit kan duiden op voorntjes of karper! Met de polaroidbril op m’n bezweette neus kijk ik strak naar een gaatje in het lelieveld. Plots zie ik de kenmerkende staart van een behoorlijke graskarper onder een blad vandaan steken. Yes! Voorzichtig laat ik de grote korst zakken op een kleine meter van de plek waar ik de staart zie. Hier verwacht ik de kop van de vis. Meteen fors inzetten. Ook schiet ik voorzichtig wat korsten tegen de stroming in zodat deze na een paar minuten tegen het lelieveld blijven hangen! Minuten tikken voorbij en sporadisch bewegen de leliebladeren. In de verte zie ik nog steeds activiteit en de verleiding is groot om deze van dichtbij te inspecteren. Ondertussen zit ik al een half uur tussen het riet en klaarblijkelijk heeft deze grasser nog geen trek in de broodkorsten. Maar dan toch! Een subtiel slurpje en er verdwijnt een ‘aangespoelde’ korst, kort gevolgd door nog één. Machtig om dit te zien op nog geen hengellengte afstand! Nu is het alleen nog maar een kwestie van tijd, alle zintuigen staan op scherp. Ik hoor mijn hart kloppen en zie dat mijn korst na twee pogingen verdwijnt tussen de lippen van de vis. Als tip gaf Arnout mee dat ik een paar tellen moet wachten tot de lijn gaat lopen… snel reageren is niet nodig. Het lukt me om me een fractie van een seconde te bedwingen maar sla dan al aan met een waterexplosie als gevolg. Ha, ha, ha, lekker dit!!! Een spectaculaire dril volgt en de zelfbouwer doet wat er van hem verwacht wordt, pareren en teruggeven. Het lelieveld wordt tijdens de dril regelmatig bezocht en is ook redelijk gesnoeid na de strijd. Blij ben ik ook met de keuze van mijn 28/00 nylon. De omgebouwde afstandstok is bezig aan zijn tweede leven en ik moet zeggen dat ie het uitstekend doet. Groot is ook de voldoening wanneer de lange grasser eindelijk het net in glijdt. Arnout staat al klaar met de mat en camera. Heerlijk zo’n vismaat. Trots als een gans poseer ik met dit machtige schepsel, die na de korte fotoshoot snel weer in het warme water wordt teruggezet.

Trots als een Gans!



Mispeer
Na een ferme handdruk van Arnout worden de haken weer geslepen en de korsten weer gesopt. Omdat ik voor deze vangst in de verte wat activiteit had waargenomen besluit ik om daar verder te vissen. Daar aangekomen merk ik dat het toch gewone karpers zijn en daar kom ik vandaag niet voor, dus terug naar Arnout die naar wat blijkt al een tijdje in gevecht is met een beste grashapper. Net op tijd kan ik hem helpen met het landen van de vis en het maken van de foto’s. Wat een magnifieke beesten zijn het zeg en wat kunnen ze tekeer gaan, zowel in het water als op het land. Een goede onthaakmat is absoluut geen overbodig luxe artikel.

Arnout vangt even later ook een mooie grashapper die de sloot aardig op zijn kop zet!



Nu er twee vissen gevangen zijn en de vissen ondertussen wel in de gaten hebben dat wij hier zijn, besluiten we een andere potentiële stek te zoeken. Na veel rijden, lopen, kijken, rijden, kijken, lopen en weer rijden, strijken we neer op een zeer mooi uitziende vaart waar genoeg ‘leven” in het water is. Na enige tijd kan ik een grote vis waarnemen, maar die heeft absoluut geen zin in een broodkorst. Ook de meegebrachte hondenbrokken blijven onaangeroerd. Bij Arnout gaat het niet veel anders. Wel vingen we beide nog een roofblei op brood die, omdat het mijn eerste ooit is, op de gevoelige plaat gezet moet worden.

Ook roofblei is niet vies van een korstje brood.



Wederom is het verkassen en kijken en wandelen. Ook nu vinden we ( eigenlijk Arnout) een stuk sloot wat er veelbelovend uitziet. Hier zie ik al snel een grote graskarper het heldere water doorkruisen. Arnout ziet ook een grote vis in een aftakking van deze sloot. Helaas kan hij de spanning niet aan als de vis pardoes de korst voor zijn voeten pakt en slaat een gat in de lucht met als gevolg een dikke kolk en een morrelende, zwaar balende Arnout in het riet! De grote graskarper die ik bij aankomst heb gespot, kijkt zelfs niet om naar de korst, stoïcijns hangend in het water. Ook dat is graskarper! Arnout, bedankt voor de mooie ervaring. We doen het snel weer over!

Inmiddels heb ik al wat meer mooie graskarpers mogen bewonderen – verslavend!