Soms is er niet meer nodig dan een mooi filmpje of een goed artikel om het volledig in je kop te krijgen. Bij de eerste aanblik spoken die bekende woorden al door je hoofd: ‘Daar moet ik heen!’ Dat exacte gevoel beleef ik in 2010 wanneer ik tijdens een verloren avond weer eens achter de laptop zit. Je klikt er lustig op los en bij toeval komt er een adembenemend karperfilmpje op je beeldscherm voorbij. Het ‘daar moet ik heen’ sla ik over. “Wanneer gaan we”. Dat is het enige wat ik kan bedenken op dat moment. De kale landschappen met daarin wat nieuwsgierig vee, mijn vismaat Ronald van Bruggen en ik kennen het inmiddels wel. Het wordt tijd dat ook wij de bergen ingaan. Op zoek naar de magische watertjes uit het filmpje.
Tekst en foto’s: Rinze Beverwijk

Om ons heen rijzen de bergen boven de groene landschappen uit.


Niet lang daarna is het plan geboren. Een tripje die we moeten gaan koesteren, want een tweede keer is nooit zo leuk als de eerste! Vol goede moed zakken we half mei 2011 af richting het zuiden. De TomTom heeft er blijkbaar zin in, want voordat we aankomen op bestemming moet er een slordige 1100 kilometer worden overbrugd. Nu maar hopen dat we onze gang kunnen gaan. Het zou sneu zijn als we aankomen en het betreffende watertje zit helemaal vol met mensen die dezelfde gedachtegang hebben. We rijden in de nachtelijke uren eenzaam over de Franse snelwegen. De tactiek voor de komende week hebben we al lang en breed besproken en dus is het stil in de auto. Gespannen over wat er komen gaat staren mijn vismaat en ik voor ons uit. Wanneer we aankomen kunnen we ons geluk niet op. Enkel wat lokale vissers die het weekend vertoeven op het eerste kleine water. We zijn meer onder de indruk van de adembenemende ambiance die op dit water huishoudt. Een kristalhelder water  die de neuzen van ons schoeisel voorzichtig bevochtigd. Een paradijsje waar ook nog reusachtige karpers rondzwemmen. We wisten niet dat het bestond, maar zijn nu live getuige van wonderschone natuur! We voeren de eerste stekken maar vast aan om vervolgens op zoek te gaan naar een tweede optie, namelijk een meer op zo’n tien minuten rijden van het eerste paradijsje. Wanneer we hier arriveren, zien we geen enkele karpervisser of iets wat daarop lijkt. “Zijn we dan precies op het goede moment?” Het begint er wel op te lijken. Het water wat een uitnodigend eiland heeft, wordt voorzien van een kleine tien kilo voer verspreid rondom het eiland. We kunnen maar net het geduld opbrengen, om te wachten met vissen. Wanneer we een geschikte doortrekcamping hebben gevonden, ontmoeten we de man met de hamer. Vermoeid door de lange reis en alle nieuwe indrukken die we deze vroege ochtend hebben gekregen. De stretchers worden uitgepakt en wanneer we een mooi plekje onder de struikjes hebben gevonden, vallen we in diepe slaap.

Bij aankomst gaat er meteen aardig wat voer in.


Een aantal uren later geeft de wekker ons het signaal dat er weer ‘gewerkt’ mag worden. We zullen de stekken nogmaals moeten aanvoeren om zo de karpers het vertrouwen te geven in ons aas. De auto wordt verder leeg gepakt, ons basiskamp opgebouwd en de campingeigenaar krijgt van ons een uitgebreid verslag van onze plannen. Wat de beste man nu precies bedoelde met zijn wijsvinger tegen zijn voorhoofd is nog steeds een raadsel, maar dat terzijde. We zetten koers richting onze stekken. Met een speelgoedbootje dobberen we rustig rond en voorzien we de beoogde stekken van voer. Het zelfde doen we op het andere water. Dan snel terug naar het dorp om een vergunning te scoren. Natuurlijk  voorziet de plaatselijke supermarkt ons de komende dagen van de nodige versnaperingen. Alles is nu in de puntjes voorbereid. We zullen de eerste nacht dan ook op de camping blijven om de nodige rust te pakken en niet geheel onbelangrijk; genoeg energie kweken voor de komende dagen! Een laatste afzakker maakt een eind aan deze drukke dag. De koppies staan dezelfde kant op en het kan bijna niet anders dan dat dit een mooi weekje gaat worden.

Hoe lang zal het duren voordat de eerste karper zich zal melden?


Wanneer we aan de voet van ons paradijsje ontwaken, kan het feest beginnen. Een kop zwart goud erin en gaan met die banaan. We hebben genoeg energie en besluiten de Danoontje Powers in ons base camp achter te laten. De auto wordt slechts volgepakt met spullen die we echt nodig hebben voor een nachtje harken. Uiteraard wat voer om de stek op het eerste water aan te voeren, want de eerste nacht zullen we aan het water met het prachtige eiland doorbrengen. Zelfs zonder voeren moeten er wel vissen rondhangen in deze area, dus ons vertrouwen is daar het grootst. We zijn er binnen tien minuten en de hengels worden vol overgave klaar gemaakt. Binnen het uur zijn we aan het vissen in een werkelijk prachtige ambiance. Niet alleen wij hebben er zin aan deze avond zo blijkt, want ons voer heeft zijn werk al gedaan. Vol vreugde springen de karpers bijna het eiland op wanneer we een paar handjes bij onze rigs voeren.  We wachten in spanning af wat er gaat gebeuren.
Volgende week het vervolg, tot dan!

Zouden we tijdens deze trip op die bekende pot met goud gaan stuiten? Lees het hier in deel 2!