Terwijl de laatste mistflarden langzaam oplossen na de zoveelste koude herfstnacht, komt de omgeving langzaam tot leven. De bomen, struiken en het gras zijn allemaal bedekt met een dikke laag dauwdruppels. De temperatuur is omlaag geduikeld de afgelopen dagen: de herfst is echt begonnen. En zoals wel vaker het geval is in dit jaargetijde, ligt ook vandaag een moeizame ‘struindag’ in ’t verschiet.
Tekst & foto’s: Alvar Besemer

ZWIJGENDE HEMELSTAARDERS


De geur van rottend blad vermengd met minuscule dauwdruppeltjes dringt mijn neus binnen. Ik slenter door een surrealistisch landschap van rode, gele en oranje bladerpartijen die de paden van het gebied volledig bedekken. Daartussen, voorzichtig tussen het bladerdek uitstekend, staan ze zwijgzaam naar de hemel te staren: bruine, witte, gele en rode varianten met witte stippen. De één een bol, de ander een dikke klodder en sommigen fier op een steel. Groepjes paddestoelen vormen voor even de bewoners van het tijdelijke herfstlandschap.

HERFST ONDER WATER

Zoals de natuur boven water mee veranderd in alle jaargetijden gebeurt dat onder water ook, te beginnen aan het wateroppervlak. Van de levendige lelievelden zijn enkel wat half verteerde bladen en stelen over. Daaronder bruist het (nu) nog van het leven. Ook de vergeelde rietkragen die er vrij ‘doods’ bij staan, verbergen hun onderwater-geheimen goed. In de vele slootjes en kommetjes van mijn ‘struingebied’ ligt het oppervlaktewater bedekt onder een laag van drijvende takjes, blad, groendeeltjes en vers gemaaid gras van, waarschijnlijk, de laatste maaibeurt van dit jaar.

In de ondiepe waterpartij die ik bevis, daalt de watertemperatuur snel in deze periode. Het zal dan ook niet lang meer duren voordat het voedselaanbod schaarser wordt. Deze ‘onderwater herfst’ zie je ook terug in het karpergedrag, zeker bij het oppervlakte azen. Elk uur van de dag kan anders verlopen en met de minste of geringste weersverandering verandert ook het gedrag van de aanwezige karpers.

LAATSTE ZONNENSTRALEN

Wanneer de zon voor even door het grijze wolkendek heen prikt en het oppervlakte water een paar graden opwarmt, dan gebeurt het. Groepjes karpers beginnen voorzichtig te happen aan het oppervlak, naar alles dat nog enigszins eetbaar is in het najaar. Zo krijgen ze hun gewicht op ‘winterpeil’. Ik houd nu dus extra goed het weer in de gaten om zo de spaarzame ‘warmtemomentjes’ mee te pakken.

WISPELTURIG GEDRAG

De herfstperiode is ook de periode van de grote onzekerheid in aasgedag. De herfst verloopt vaak net zo onvoorspelbaar als het vroege voorjaar waarin karpers ook enorm wispelturig kunnen zijn aan het wateroppervlak. Windstille uurtjes doen het goed, net als zonnige dagen. Maar op een gemiddelde herfstdag zie je vaak slechts een glimp van karpers aan het oppervlak. Daardoor ben ik op een herfstige visdag meestal meer tijd kwijt aan zoeken dan aan het vissen zelf en dat is direct ook de extra uitdaging.

DOOR DE MIST

Vroeg in de morgen loop ik door het ‘witte’ gebied. Door de mist kan ik amper een hand voor ogen zien. Toch zie ik de eerste voorzichtige tekenen van aasgedrag onder de mistflarden uit verschijnen. De stroperige kolkjes aan het oppervlak verraden wat scharrelende karpers tegen een vergeelde rietkraag aan. Ze liggen er diep in verscholen, typisch voor deze tijd. Het zal dus wat moeite kosten om ze te ‘verleiden’ de rietkraag te verlaten. Ik voer verschillende plekken aan het oppervlak aan. Als basisvoer gebruik ik expander pellets in een aantrekkelijk soak, vermengd met de kleinste drijvende kattenbrokken die ik maar kon vinden. Het haakaas bestaat uit een taaie broodkorst, dumbell pop-up of grote drijvende hondenbrok. Ook daarin worden karpers een stuk kieskeuriger in de herfst, op elk water is het anders.

ONGENODE GASTEN

Het grootste nadeel van oppervlakte vissen in het najaar is het ‘watervogel-terreur’. Watervogels zijn verschrikkelijk irritant in de herfst en winter en geef ze eens ongelijk…. Ze moeten extra energie en lichaamsvetten opbouwen voor de koude wintermaanden en eten daarom alles, echt alles! Een deel van mijn voerplekjes is daarom binnen de kortste keren leeggevreten en het lijkt alsof ik een soort tevreden ‘glimlach’ waarneem bij een aantal eenden en meerkoeten in de buurt, erg verdacht allemaal!
Toch zwemmen ze eronder, tussen de eenden- en koetenpootjes door. De pellets en brokjes zijn door de snavels vermalen tot nog kleinere deeltjes en daar hebben de karpers het nu op voorzien. Heel voorzichtig laat ik mijn broodkorst zakken vanaf een bruggetje zodat hij nauwelijks een kringetje veroorzaakt aan het oppervlak. Dan trek ik de korst uiterst langzaam richting rietkraag. Direct volgt het ‘watervogel leger’ mijn verrichtingen, mijn zwaaiende landingsnet houdt ze voorlopig op afstand, maar lang zal dat niet duren.

HAP, SLIK, WEG… OF TOCH NIET?


Ik heb geduld en zeker in deze tijd. Waar het warme voorjaar en de zomer een waar ‘hap-slik-weg’ walhalla vormen, zo vormen de herfst en winter het tegenovergestelde. Tergend langzaam aftasten van het oppervlakte aas en haakaas. Hele kleine stukjes per keer pakken en heel erg vaak deeltjes uitspugen. Ik neem dan ook veel langer de tijd dan op een gemiddelde vissessie. Je bent al gauw een hele dag kwijt in de koudere maanden omdat de invloeden van het weer en de omgeving nu veel zwaarder wegen op de ‘aastijd’.
De broodvlok wordt voorzichtig afgetast, voor even lijkt het door een grote voorn zo subtiel! Dan ontvouwen zich langzaam twee grote gele lippen net onder het oppervlak van het donkerbruine water. De korst verdwijnt in ‘slow motion’ en ik sla veel te snel aan, waarschijnlijk door het lange wachten. Geruisloos zijn karper en het stuk brood verdwenen, deze was veel te slim.

OUDJE

Later op de dag, wanneer de mist volledig is opgetrokken en de zon is doorgebroken, warmt het water wat op. De karpers beginnen nu wat actiever te azen en de watervogels liggen tevreden volgevreten op de kanten. Nu is mijn kans en dit keer lukt het wél. Een oude spiegel bijna blind aan één oog en een bescheiden schubje vormen de ‘buit’ van deze oppervlakte dag, ik ben tevreden.

Ondertussen heb ik me de hele dag vermaakt in een prachtige herfstomgeving maar begint het flink af te koelen. Het is tijd om naar huis te gaan en op te warmen onder het genot van een lekkere kom hete soep. Eenmaal daar aangekomen bekijk ik tevreden de foto’s terug van een geslaagde herfstdag, wat is het toch een mooi jaargetijde!
Alvar Besemer